Kunnen live en virtuele lessen naast elkaar bestaan?

Jak Phillips sprak met Keith Burnet, Global Markets CEO van Les Mills International, over millennials, het gedrag van leden en of live groepslessen nog steeds kunnen groeien in dit virtuele tijdperk.

Is de opkomst van virtuele lessen een serieuze bedreiging voor de live lessen?
Totaal niet, integendeel eigenlijk. Uit onderzoek blijkt dat de deelname aan live lessen met 12 procent toeneemt wanneer clubs virtual fitness toevoegen aan hun aanbod. Dit suggereert dat virtuele lessen de live lessen toegankelijker maken. Virtuele lessen zijn vaak laagdrempeliger voor een beginner. Veel leden starten met de virtuele lessen en stromen door naar de live lessen. Live lessen zullen altijd het belangrijkste blijven voor clubs en voor Les Mills. Het is net als in de muziekindustrie, tegenwoordig luisteren mensen op verschillende manieren muziek, maar live muziek is populairder dan ooit. Steeds meer clubs bieden virtual fitness aan omdat het leden meer keuzemogelijkheden geeft en dit past bij de ‘always-on’ service waar millennials en Gen-Z aan gewend zijn. Uiteindelijk zal virtual fitness fungeren als het geheime ingrediënt om het percentage leden in de groepslessen snel te laten stijgen wat resulteert in een betere retentie.

Hoe groot is het verschil in kwaliteit tussen live en virtuele lessen?
Het verschil tussen de live en de virtuele beleving zal steeds kleiner worden zolang de kwaliteit van de content blijft verbeteren. Beleving is alles in virtuele lessen en de voordelen van virtual fitness – optimaliseren van het lesrooster in de daluren, meer tevreden leden, meer aanbod – zullen alleen gelden als je je leden een les van hoge kwaliteit aanbiedt. We gaan nu de volgende generatie virtual fitness in en dit betekent dat de content van bioscoopkwaliteit moet zijn als je wilt blijven voldoen aan de verwachting van je leden. Naast de content, moet je studio ook aan hoge eisen voldoen. Een investering in schermopstellingen, speakers, apparatuur en verlichting draagt eraan bij om de ultieme virtuele beleving te creëren.

Wat betekenen deze veranderingen voor clubs en instructeurs?
Een betere virtuele beleving dwingt de instructeurs van de live lessen om zich te blijven ontwikkelen. Clubs hebben de mogelijkheid om de daluren te maximaliseren en de leden lessen aan te bieden wanneer ze maar willen. Dit is niet alleen geweldig voor de leden maar ook een unique selling point voor de club. Mensen hebben vaak de perceptie dat het live of virtueel is, in werkelijkheid zijn de meest succesvolle clubs de clubs die een combinatie van live en virtual aanbieden. Virtual en live in een les combineren kan ook interessant zijn. Een instructeur kan bijvoorbeeld een virtuele les op het scherm plaatsen om zo meer tijd te kunnen besteden aan het coachen op de techniek.

Hoe beïnvloedt dit de manier waarop Les Mills de virtuele lessen samenstelt?
We hebben geluk dat we onze lessen al decennia lang filmen om de instructeurs een zo goed mogelijk voorbeeld te geven hoe ze een geweldige les kunnen neerzetten. Het filmen van deze beleving voor de consument was dus niet echt een sprong in het diepe. Daarnaast zijn we continu bezig met het optimaliseren van Les Mills Virtual. We leren door onze grenzen te verleggen, op verschillende locaties te filmen, met diverse camera’s te filmen (we gebruiken vijf of zes camera’s, soms wel tien) en het verbeteren van de producties om de beleving te vergroten. Omdat onze lessen worden gefilmd met een live publiek, heb je extra sfeer en live geluiden die eraan bijdragen het gevoel dat je normaal hebt in een live les over te brengen op een scherm.

Afgezien van de sfeer; hoe kun je ervoor zorgen dat virtuele lessen even effectief en veilig zijn als live lessen?
We hebben veel aandacht besteed aan het gat tussen virtuele en live lessen kleiner te maken. Dit heeft geleid tot innovaties als het gebruik van een op maat gemaakte camera om de techniek en bewegingen zo goed mogelijk aan het virtuele publiek te laten zien. Ook is het monteerproces aangepast, zodat de deelnemers meer tijd hebben om eventueel materialen te pakken en in de juiste positie te gaan staan. Bovendien zorgen de presenters ervoor dat ze de deelnemers, ondanks dat het virtueel is, toch bij de les te betrekken.

Zal de groei van het aantal virtual fitnessclubs helpen om meer data te verzamelen over het meten van de impact van groepslessen?
Dat hoop ik wel! Ik moedig clubs sterk aan het aantal deelnemers in de groepslessen te meten. Veel clubs doen dit niet en dit maakt het heel lastig om ze de waarde van groepslessen in hun club te laten inzien. Gelukkig meten veel clubs het wel, zij hebben meestal 25-50 procent leden die aan groepslessen doen. Bij Les Mills Newmarket in Nieuw-Zeeland bestaat 70 procent van de clubbezoeken uit deelname aan groepslessen, 23 procent hiervan doet aan virtuele lessen. We weten dat groepsles deelnemers vaker komen en dat er 26 procent minder kans is dat zij hun lidmaatschap opzeggen in vergelijking met de leden die alleen fitnessen.

Meer Fit Business nieuws